“Op een onbewoond ei-eiland…”
Zodra de eerste warme dagen aanbraken, waren mijn opa en oma bezig om hun prachtige eiland in Vinkeveen klaar te maken voor de zomer. Ze maaiden het gras, kapten de bomen en gaven de grote boot een nieuw likje verf. In april voeren ze vanuit Amsterdam richting Vinkeveen: een boottocht van ongeveer vier uur, door sluizen en smalle waterwegen, totdat ze hun eiland bereikten.
Eén eiland, zes families
Het eiland was opgedeeld in zes stukken. Zes families kwamen daar elke zomer bij elkaar om te ontspannen. Er waren oudere mensen die genoten van het gezelschap van kinderen die ze zelf nooit hadden mogen krijgen, en opa’s en oma’s die juist even rust namen van het oppassen. Mijn opa en oma namen mij elk weekend mee. Kinderen van mijn leeftijd zaten op drie minuten varen van ons vandaan en kwamen ’s avonds vaak langs voor het kampvuur.
Van het water naar het kampvuur
Elke dag had ik rode wangen en nat haar van het urenlange plonzen in het water. In de partytent, een stukje verder het eiland op, zette mijn oma haar heerlijke Hollandse pot op tafel. Overdag voorzag ze mijn opa tijdens het vissen van drinken, broodjes en zonnebrand. ’s Avonds zorgde ze ook nog voor een verse maaltijd.
Eten deden we gehaast, want het water was veel belangrijker.
Halverwege de zomer zorgde mijn opa voor verse paling. Hij rookte die, waarna de mensen van alle buureilanden langskwamen om een hapje te proeven. Na het avondeten gingen we met alle kinderen naar de jachthaven om een ijsje te halen en langs de waterkant bramen te plukken. We kwamen terug met paarse vingers van het bramensap en een bruine rand rond onze mond van het chocolade-ijs.
In de avond was het tijd om een vuurtje aan te steken. In warme truien roosterden we samen marshmallows. Opa’s en oma’s vertelden verhalen over vroeger en de kinderen verzonnen de gekste verhalen en scenario’s. De radio stond aan en wij dansten en traden op voor de ouderen. Om elf uur gingen we slapen. Je viel heerlijk in slaap door het bewegen van de boot op het golvende water.
Wakker worden op het water
’s Ochtends werden we wakker van het geluid van vogels en de geur van een versgebakken ei. We zaten met iedereen van het eiland aan tafel en iedereen nam iets lekkers mee. De kinderen genoten aan de kleine tafel vooral van de zoetigheid en het beleg. Aan de grote tafel lazen de volwassenen de krant van die dag.
Na een lang weekend pakten we onze spullen in en bracht mijn oma mij naar huis. Dan kon ze meteen schone kleren pakken en de vuile kleding wassen. Douchen kon niet op het eiland; we wasten ons met shampoo in de grote plas. Thuis was het lekker om de rest van het vuil van me af te douchen. Daarna was het weer wachten op het volgende weekend, vol nieuwe avonturen en verhalen.
Omslagfoto: Jeroen Komen / Wikimedia Commons · CC BY-SA 2.0.
